Beide of beiden?
Wat is juist: beide of beiden? Met de taalregels bij de hand, wordt het duidelijk wanneer je beide of beiden gebruikt. Toch blijft het lastig, waardoor het vaak gevoelsmatig wordt gebruikt. We leggen je hieronder uit wanneer je beide en wanneer je beiden gebruikt.
Beide
Beide schrijf je zonder -n als het bij een zelfstandig naamwoord hoort. Het maakt in dat geval niet uit of het over een persoon, een bedrijf, dier, instituut, instelling of ding gaat. Daarnaast schrijf je beide zonder -n als het zelfstandig in de zin staat en niet op 1 of meer personen slaat. We geven je hieronder een aantal voorbeelden.
Voorbeelden Beide
- Je moet beide handen aan het stuur houden.
- Ik zag beide kinderen naar school gaan vandaag.
- De bedrijven gingen beide verhuizen.
- De pen en liniaal vielen beide van tafel.
Beiden
Je schrijft beiden als het woord naar 1 of meerdere personen verwijst die eerder benoemd worden.
Voorbeelden beiden
- De jongens gaan beiden naar school.
- Ik heb twee opa’s. Beiden komen trouw op mijn verjaardag.
Tot slot zijn er ook zinnen waarbij het zowel over een persoon als een bedrijf gaat. In dat geval wordt doorgaans gebruik gemaakt van beide, maar voor het gemak en de zekerheid zou je dan ook kunnen kiezen voor het alternatief allebei of alle twee.
Soortgelijke, Nederlandse adviezen:
Taalcursus Nederlands volgen?
Wil je meer weten over de Nederlandse taal of wil je graag Nederlandse lessen volgen van één van onze trainingen? Bekijk ons aanbod van Nederlandse cursussen. We geven je graag een vrijblijvend advies over de best passende trainingsvorm voor jou en/of je collega’s. Wil je direct met ons overleggen? Neem dan gerust contact met ons op via ons telefoonnummer 033-4650420 of via info@detaaltrainer.nl.
Geschreven door
Miranda Bensing
